Gebruik van gevoelige DNA-technieken: hulpmiddel of machtsmisbruik?

Share
Share on linkedin
Share on facebook
Share on google
Share on twitter

Drie Nederlandse laboratoria, waaronder het Erasmus Medisch Centrum, deden de afgelopen jaren samen met Chinese wetenschappers DNA-onderzoek. Dat bleek afgelopen week uit een onderzoek van Follow the Money en RTL Nieuws. Het gaat om DNA-onderzoek waarbij gebruik is gemaakt van bloedmonsters die afkomstig zijn van Oeigoeren, een onderdrukte (religieuze) minderheid in China. Ook werkte Nederland samen met China aan het ontwikkelen van gevoelige DNA-technieken. Hoogleraar Yves Moreau, verbonden aan de universiteit van Leuven, noemt de samenwerking tussen Nederland en China ‘fundamenteel fout’, omdat de wetenschappelijk kennis door de Chinese politie kan worden gebruikt om onderdrukte minderheden in de gaten te houden.

Maar wat regelt de wet eigenlijk met betrekking tot het gebruik van DNA? En moeten we de ontwikkeling van (nieuwe) DNA-technieken juist toejuichen of is voorzichtigheid geboden? In deze blog gaan we nader in op het gebruik van DNA door de overheid.

DNA-technieken als hulpmiddel

In Nederland wordt DNA-onderzoek door de overheid voornamelijk gebruikt als hulpmiddel bij het opsporen van verdachten van misdrijven zoals moord en verkrachting. De wettelijke grondslag daarvoor is te vinden in het Wetboek van Strafvordering en in de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. De opslag van het DNA-materiaal in Nederland is daarnaast ook aan regels gebonden die zijn vastgelegd in het DNA-besluit.

DNA-technieken kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt op een plaats delict. Als er op een plaats delict DNA-sporen worden gevonden en er verder geen aanwijzingen zijn met betrekking tot de persoon van de verdachte, dan kan met DNA-techniek bijvoorbeeld de huids-, oog- of haarkleur of het ras van de persoon worden achterhaald, meldt onderzoeksjournalist Siem Eikelenboom in het NOS Radio 1 Journaal.

Verwerken van bijzondere persoonsgegevens

Met het uitvoeren van DNA-technieken worden in het bijzonder genetische gegevens verzameld. Volgens de AVG vallen deze gegevens onder de categorie ‘bijzondere persoonsgegevens’. Met dit soort gegevens moet uiteraard zorgvuldig worden omgegaan.

Bijzondere persoonsgegevens zijn vanwege de gevoeligheid hiervan door de wetgever extra beschermd. In beginsel is de verwerking van bijzondere persoonsgegevens verboden (artikel 9 lid 1 van de AVG). In twee gevallen is een uitzondering op het verwerken van deze gegevens geoorloofd. Er moet sprake zijn van uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene, of de verwerking moet noodzakelijk zijn op grond van een van de uitzonderingsgronden opgesomd in artikel 9 lid 2 sub b t/m j AVG. In het tweede geval is dus geen toestemming vereist voor de verwerking van bijzondere persoonsgegevens.

De AVG is echter niet van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens door de bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten (artikel 2 lid 2 sub d AVG).

Europeesrechtelijk perspectief

Vanuit privacyrechtelijk oogpunt gelden voor de verwerking van gezondheidsgegevens ook vanuit de Europese Unie strenge regels. In artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) is onder andere het recht op respect voor het privéleven gewaarborgd. Tot de bescherming van het privéleven behoren onder andere de bescherming van persoonsgegevens en de lichamelijke integriteit. De doelstelling van dit artikel is de burger te beschermen tegen willekeurige inmenging in de rechten genoemd in dit artikel.

Uit de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens volgt dat zowel het afnemen van celmateriaal (DNA) als het bewaren ervan inbreuk maakt op de rechten genoemd in artikel 8 lid 1 EVRM. In relatie tot het bewaren van het DNA hecht het Hof waarde aan de potentiële, toekomstige mogelijkheden van het afgenomen celmateriaal. Aangezien DNA in de toekomst – met de komst van meer geavanceerde DNA-technieken – veel informatie kan opleveren, wordt het opslaan daarvan beschouwd als een (vergaande) inbreuk op artikel 8 lid 1 EVRM.

Op basis van artikel 8 lid 2 EVRM is een inbreuk op een door artikel 8 lid 1 beschermd recht gerechtvaardigd indien de inbreuk (i) is voorzien bij wet, (ii) de inbreuk dient ter uitvoering van een van de limitatief opgesomde doelcriteria en (iii) noodzakelijk is in een democratische samenleving.

Hoewel het EHRM heeft erkend dat het gebruik van DNA bij de opsporingstaak van grote waarde kan zijn, betekent dit niet dat landen hiervan zonder verdere restricties gebruik mogen maken. De opslag van DNA-materiaal dient bijvoorbeeld met zware waarborgen omkleed te worden. Zo moeten er bijvoorbeeld regels zijn over de bewaartermijnen.

Machtsmisbruik: schending van mensenrechten

Hoewel DNA-technieken als hulpmiddel kunnen dienen, is er ook gevaar voor machtsmisbruik. Uit het onderzoek van Follow the Money en RTL Nieuws bleek bijvoorbeeld dat de Chinese onderzoekers die samen met de Nederlandse laboratoria onderzoek deden, indirecte (en zelfs directe) banden hadden met de Chinese politie. In een aantal gevallen bleek zelfs dat de onderzoekers werden betaald door de Chinese politie om hun kennis omtrent DNA-technieken te delen. De door de wetenschappers opgedane kennis zou daarmee in handen zijn gekomen van de Chinese politie die de technieken vervolgens kan inzetten om (religieuze) minderheden te onderdrukken en te vervolgen.

Human Rights Watch (HRW) waarschuwde al eerder (in 2017) dat onder het mom van medisch onderzoek op grote schaal DNA wordt afgenomen van minderheidsgroepen in China. Het afnemen van DNA zou echter niet op vrijwillige basis gebeuren. De – onder dwang afgenomen – bloedmonsters zouden worden doorgesluisd naar de Chinese politie. Vervolgens wordt het DNA-materiaal opgeslagen in een grote databank en gebruikt voor het maken van DNA-profielen, op basis waarvan minderheidsgroepen kunnen worden benadeeld.

Dit is slechts een voorbeeld van de manier waarop het gebruik van DNA (door de overheid) kan leiden tot machtsmisbruik. Uit het oogpunt van fundamentele mensenrechten is het daarom van belang dat de verzameling en opslag van DNA-materiaal aan duidelijke regels wordt onderworpen.

Samenwerking tussen Nederland en China

Naar aanleiding van het bericht van Follow the Money en RTL Nieuws willen de politieke partijen VVD, CDA en D66 voorkomen dat Nederlandse DNA-kennis in handen komt van het Chinese regime.

China staat ook wel bekend als ‘Big Brother (2.0)’ vanwege de grote mate waarin de Chinese regering en autoriteiten gebruikmaken van surveillance en big data om burgers te monitoren. Daarnaast werkt de Chinese regering aan de grootste DNA-database ter wereld. Deze database wordt beheerd door de Chinese politie.

CDA-Kamerlid René Peters noemt het ‘zeer zorgelijk’ dat Nederlandse laboratoria een bijdrage leveren aan wetenschappelijk onderzoek waarvan het twijfelachtig is wat China vervolgens met de uitkomsten doet.

Conclusie

Technologische ontwikkelingen bieden steeds meer mogelijkheden, onder andere op het gebied van strafrecht. Door geavanceerde DNA-technieken wordt het mogelijk om verdachten op te sporen en onopgeloste zaken na jaren met succes af te ronden.

Ondanks de mogelijkheden kan het gebruik van DNA-technieken en het onderhouden van DNA-databanken ook leiden tot machtsmisbruik door de overheid – met als gevolg dat mensenrechten kunnen worden geschonden. Aangezien met het gebruik van celmateriaal de privacy van betrokkenen in het geding komt, dient het gebruik daarvan altijd aan strenge voorwaarden te worden onderworpen. De bevoegdheden die overheden krijgen dienen duidelijk te zijn afgebakend. Bij het ontbreken van duidelijke en concrete wet-en regelgeving ligt immers het gevaar op de loer dat de overheid te veel macht en invloed krijgt over haar burgers.

Tegen deze achtergrond moet worden voorkomen dat Nederlandse DNA-kennis wordt gedeeld met Chinese autoriteiten. Het is immers twijfelachtig wat China met de uitkomsten uit wetenschappelijk onderzoek doet. DNA-technieken zouden mogelijk als wapen kunnen worden gebruikt om minderheidsgroepen te onderdrukken. Nederland dient wat dat betreft strenge regels te hanteren als het om kennis- en technologieoverdracht gaat. Alleen zo kan worden voorkomen dat DNA-technieken onterecht worden ingezet.

Ivy Woanya

Ivy Woanya

Ivy Woanya is jurist bij The Privacy Factory. Momenteel volgt zij de Master Internet, IE en ICT aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij heeft een passie voor privacy, big data en artificial intelligence.

Recente publicaties

Privacy Weekly

Meld u aan voor Privacy Weekly en blijf op de hoogte van recente trends en ontwikkelingen rondom privacy.

Op zoek naar

Gratis AVG|Check

Volg ons op social media

Meld u aan voor Privacy Weekly

Aanmelden Privacy Weekly
Elke donderdag een privacy alert, blog of whitepaper in uw inbox!
cookie

Wij gebruiken alleen functionele en analytische cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden op onze website. Onze cookies verzamelen geen persoonsgegevens. Meer informatie.